Scholier Maarten Aantjes ontdekt zeldzame orchidee

Maarten Aantjes

Ergens in een berm in de Alblasserwaard bloeit een zeer zeldzame orchidee. Maarten Aantjes (15) uit Langerak ontdekte de plant.

Het rood bosvogeltje, zoals de Nederlandse naam van de bijzondere orchidee luidt, is volgens de Nederlandse rode lijst van planten al zo’n dertig jaar uit Nederland verdwenen. Het laatste exemplaar bloeide eind jaren 80 in de Biesbosch. Maar niets blijkt minder waar: ergens in een berm in de Alblasserwaard staat een groepje van twaalf bloeiende planten.

De 15-jarige Maarten Aantjes ontdekte ze enkele dagen geleden. ,,Ik fietste er langs toen ik vanuit school op weg was naar huis. Die plant sprong zo in het oog dat ik dacht: dit moet iets bijzonders zijn. Vooral door die purperkleurige bloemen.’’

Aantjes maakte een foto en stuurde deze naar een vriend die in opleiding is tot boswachter. Die bevestigde de vermoedens van de scholier, die overigens opvallend nuchter blijft over zijn ontdekking.

Zelf wil Aantjes ook boswachter worden. De interesse in de natuur werd op zijn zevende aangewakkerd door een oom. ,,Met hem ging ik op pad de natuur in. Dat doe ik nog steeds: vooral om te fotograferen. Zoogdieren zoals reeën zijn mijn favoriet, maar zo’n orchidee is ook prachtig.’’

De vindplaats van de plant wordt echter angstvallig geheim gehouden. ,,We zijn als de dood dat ze gestolen worden’’, zegt Richard Slagboom van Prachtlint, een werkgroep van stichting Blauwzaam. Niet onterecht, want vorig maand verdwenen drie zeldzame mei orchissen. Die waren door de Natuur- en Vogelwacht Papendrecht geteeld in een project om typisch Alblasserwaardse planten terug te krijgen.

Bijzondere orchidee ontdekt in de Alblasserwaard door 15-jarige jongen.

De zeldzame orchideeën staan in een berm van Waterschap Rivierenland. Beheerder Marien Verwolf is erg blij met de bijzondere ontdekking. ,,Deze vondst bevestigt dat we op de goede weg zijn met ons beheer. Onze bermen in het veenweidegebied zijn duidelijk waardevol voor bloeiende planten en insecten.’’

Slagboom en Verwolf zijn niet de enigen die onder de indruk zijn van de ontdekking. De vondst is voor Karel Kreutz (1954), autoriteit op het gebied van orchideeën, aanleiding om naar de Alblasserwaard af te reizen om de plant te bekijken.

Vermoede­lijk bracht de wind het zaad van die orchidee naar de Alblasser­waard.

Hij is verbonden aan het Naturalis Biodiversity Center in Leiden en legt net de laatste hand aan zijn Orchideeën van de Benelux, een naslagwerk met zo’n 1200 pagina’s. De vondst van Aantjes belandt nog in dit boek.

Kreutz’ liefde voor orchideeën ontstond ook bij hem op jonge leeftijd. Kreutz: ,,Op een specifieke plek in Luxemburg, op de grens met Frankrijk, staan duizend van deze orchideeën. De planten in de Alblasserwaard zijn jong. Vermoedelijk heeft de wind het zaad daar gebracht. Anders kan ik het niet verklaren. Het is heel bijzonder…’’

Bron: het AD

Lid worden