skip to Main Content

Artikel NRC: Vliegen met een groot milieuvoordeel

Zwarte soldatenvlieg Wereldwijd zijn onderzoekers op zoek naar alternatieve eiwitbronnen. Zo ook in Giessenburg, waar een vliegenfarm staat.

Ze weten het zeker, met z’n drieën gaan ze de voedselketen duurzamer maken. Te beginnen met het voer voor vissen. Daarna dat voor huisdieren. En straks hopelijk, als grote klapper, dat voor kippen en varkens.

Jason Kiem, Jesse Turkstra en Seppe Salari zijn twintigers en runnen sinds drie jaar het bedrijf InsectoCycle. Ze stralen een en al enthousiasme en vastberadenheid uit. We lopen door hun zogeheten feedbackfarm in Giessenburg, een stal die ze hebben omgebouwd tot experimenteerruimte. De stal hoort bij zuivelboerderij Kuiper, die aan de overkant van de straat 260 melkkoeien houdt. Maar koeien staan hier niet meer.

Kiem, Turkstra en Salari gebruiken de ruimte en kweken er, met subsidies van Zuid-Holland en het Europese fonds voor plattelandsontwikkeling, sinds maart vorig jaar een vlieg: de zwarte soldatenvlieg, Hermetia illucens. Deze soort is om twee redenen aantrekkelijk, legt bioloog Salari uit, die in Wageningen heeft gestudeerd.

„Hij plant zich makkelijk voort, en de larven vreten zo’n beetje alles.” Ideaal om allerlei afvalstromen (reststromen) uit de landbouw en de voedingsindustrie te verwerken.

Om de larven is het te doen. Die zijn eiwitrijk en kunnen dienen als alternatieve eiwitbron. „In visvoer wordt daarvoor nu nog gewoon vis gebruikt. Maar de zeeën zijn overbevist”, vult industrieel ecoloog Kiem aan, die van de TU Delft komt. Daarom wordt er wereldwijd druk gezocht naar alternatieve eiwitbronnen. Algen bijvoorbeeld. Of meelwormen. Sinds een jaar of tien is ook de zwarte soldatenvlieg in beeld.

Een stinkbakje

De sluisdeur van een klimaatcel gaat open en we betreden de ruimte van de volwassen vliegen. Ze zitten in verschillende ‘hokken’ met gaas aan de voorkant. In een van de hokken schijnt blauw licht. „We testen de invloed van verschillende soorten licht op de productie van eieren”, zegt Salari. „Bij blauw licht heb je soms wel twee keer zoveel opbrengst.”

Hij raakt niet uitgepraat over de vliegen. „Een mannetje pakt een vrouwtje uit de lucht en houdt haar een paar minuten vast voor de paring.” Als het vrouwtje daarna eitjes legt, vertelt Salari, wil je ze niet door het hele hok moeten verzamelen. „De eitjes zijn in het begin niet groter dan spikkeltjes.” Daarom plaatsen ze „een stinkbakje” in het hok, met een geur die de vrouwtjes aantrekt. In het bakje zit een serie kunststof plaatjes met spleten erin. „In die spleten leggen de vrouwtjes hun eitjes. Jesse heeft die plaatjes gemaakt.” Jesse Turkstra, werktuigbouwkundige uit Groningen, en de rustige van de drie, knikt.

We verlaten de vliegen en gaan een volgende klimaatcel binnen. Hier groeien de larven. Het ruikt muffig, en het is aangenaam warm. „We houden de temperatuur rond de 27 graden Celsius”, zegt Turkstra. Er staan zwarte kratjes opgestapeld, met bruinige pulp erin. Dat is het vermalen voer. Ertussen krioelen de larven. Salari vertelt dat hij van allerlei voersamenstellingen test wat de invloed is op de groei van de larven en de verhouding tussen vet en eiwit in hun lichaam. En wat voeren ze de larven dan? „Je kan het zo gek niet bedenken”, zegt Salari. Ze hebben een keer 200 kilo chips gekregen. En witlofwortel. „Tarwegistconcentraat, dat is een mooie reststroom. Maar uien vinden ze minder lekker.” Ook melkveehouder Kuiper aan de overkant van de straat helpt hen. Aan de boerderij heeft hij een winkel waar hij melk, yoghurt, boter, kaas verkoopt. Voor de larven levert hij wei aan, voerresten van de koeien, kaasresten. „Soms krijgt hij een pot yoghurt van een klant terug en die geeft hij dan aan ons.”

Hun bedrijf is niet het enige dat zich op de zwarte soldatenvlieg heeft gestort. In Nederland is bijvoorbeeld het bedrijf Protix ermee bezig. Er loopt ook een Vlaams-Nederlands initiatief (Entomospeed) om de kweek van insecten, waaronder de zwarte soldatenvlieg, te versnellen. Volgens Joop van Loon, hoogleraar entomologie aan de Wageningen Universiteit & Research, ontwikkelt de markt voor insectenkweek zich snel. „Er gaan geruchten dat Brussel in de loop van 2021 goedkeuring geeft aan het verwerken van insecteneiwit in kippenvoer. Dan gaat de productie exploderen.” Van Loon ziet er een groot, potentieel milieuvoordeel in. Nu wordt er in kippen- en varkensvoer soja-eiwit verwerkt. Maar massale sojateelt in bijvoorbeeld Zuid-Amerika gaat gepaard met ontbossing.

Varkensmest getest

Tegelijk valt er nog een hoop te verbeteren, weet Van Loon, die zelf onderzoek doet aan de kweek van de zwarte soldatenvlieg. Hij zit ook bij twee insectenproductiebedrijven, waaronder InsectoCycle, in de raad van advies. Afgelopen oktober heeft hij met Wageningse collega’s een artikel gepubliceerd over de kweek van de zwarte soldatenvlieg en de volumes aan uitgestoten CO2 en ammoniak. „Die uitstoot van ammoniak wil je minimaliseren, anders schiet je er, vergeleken met de huidige veeteelt, te weinig mee op.” Uit een andere, recente publicatie waaraan Van Loon meeschreef, blijkt dat de zwarte soldatenvlieg het erg goed doet op mest – in dit geval werd varkensmest getest. Nadeel is dat juist dan veel ammoniak vrijkomt. In Europa, zegt Van Loon, mag je voor commerciële eiwitproductie nog geen insecten op mest kweken. „Er is onvoldoende onderzocht of er via de mest schadelijke stoffen in de insecten terechtkomen.”

In de feedbackfarm legt Kiem het bedrijfsplan uit. In tegenstelling tot bijvoorbeeld concurrent Protix, dat alles centraal en in eigen hand wil houden, mikt InsectoCycle op een decentrale aanpak. Het wil stallen zoals deze door het hele land oprichten, in de vorm van een coöperatie. Te beginnen met een stuk of tien. Hun bedrijf levert dan de eitjes en het voer, boeren verzorgen de kweek. Het moment is ernaar, zegt Kiem. Want om de stikstoflast in Nederland omlaag te krijgen gaat de overheid veehouders uitkopen. „Er zijn vast boeren die als alternatief de insectenkweek in willen.”

Bron: NRC

Back To Top
Lid worden