skip to Main Content

1958: trommelschudder kon meer dan gras schudden

Op deze foto uit 1958 trekt een span paarden een trommelschudder.

Schudders waren een handige vinding; ze pakten het gras op, gooiden het omhoog en trokken het tijdens het omhooggooien uit elkaar. Eigenlijk deden ze precies wat de mens daarvoor pluk voor pluk met de hooivork had gedaan, alleen werkten de machines stukken sneller.

Na de oorlog werden meerdere typen schudders ontwikkeld, van harkjesschudders tot vorkjesschudders en varianten met tanden die heen en weer gingen. Elk type had zijn voor- en nadelen.

Tanden goed afstellen
De trommelschudder had als voordeel dat het opgeworpen gras niet door de wind gepakt kon worden. Binnen in de trommel draaide een schudhaspel tegen de wielen in, het opgepakte gras werd door zogenoemde centrifugaalkracht weggegooid. Het was een kunst de tanden goed af te stellen. Ze moesten het gras niet al te sterk ‘opscheppen’, het zou dan wel mooi schoon worden opgeraapt maar ook eerder aan de tanden vast blijven zitten, waardoor het niet goed en regelmatig weggegooid werd.

Verspreiden van stalmest
De kritische lezer zal op de foto zien dat van weggegooid gras helemaal geen sprake is. Dat klopt. De donkere strook linksvoor op de foto verraadt wat hier werkelijk gebeurde: de trommelschudder verspreidde geen gras maar stalmest. Ook daar bleek hij erg geschikt voor te zijn. De tanden raapten de mest niet op, daarvoor was die te zwaar. Wat ze wel deden, waren de brokken op de grond uit elkaar slaan. Bekijk ook deze video over trommelschudders.

Bron: de Boerderij/Beeld: Misset

Back To Top
Lid worden