Ecologisch beheer van de sloten – natte dooradering

 Kansen voor boeren.

In ons veenweidegebied A-V hebben we heel veel sloten en watergangen, duizenden kilometers. Die zijn primair bedoeld voor de waterafvoer: droge voeten houden. Waterschap Rivierenland heeft daarin de regie en de controle.  Jaarlijks moeten de sloten geschoond worden (schouw) en om de zoveel jaar uitgebaggerd om ze op diepte te houden.

 

Al een aantal jaren zijn daar andere doelstellingen  bijgekomen, met name de verbetering van de waterkwaliteit en extra waterberging. Het Waterschap streeft kwaliteitsverbetering na om over enkele jaren te kunnen voldoen aan de doelstellingen van de Kader Richtlijn Water (chemische en ecologische kwaliteit).                                                                                                                                                          Sloten die vol zitten met bagger, met een dik kroosdek, algen en alleen liesgras in de oever hebben geen natuurwaarden. Het zijn dan alleen afvoergoten voor het water.

Den Hâneker streeft samen met het Collectief A-V naar ecologisch gezonde sloten:  een flinke waterlaag, helder water,variatie in ondergedoken, drijvende en opgaande planten in het water en langs de oever, vissen en kikkers in het water, libellen en macrofauna. Bloeiende slootkanten met onder andere de dotter. Dat vergroot de agrarische biodiversiteit en daaraan kunnen boeren een belangrijke bijdrage leveren. Eén van de groen-blauwe diensten.

Om dat voor elkaar te krijgen is ecologisch beheer van de sloten en de oevers van groot belang. Bij het jaarlijks schonen van de oever en bij het baggeren de natuurwaarden zoveel mogelijk sparen en zelfs verbeteren. Daarvoor hebben het Collectief en Den Hâneker recent een projectplan opgesteld en wordt subsidie aangevraagd bij de Provincie. Daarin zijn eerdere ideeën mee opgenomen.’ Er is nog geen gezamenlijk/uitgewerkt projectplan dat wordt ingediend.

Een belangrijke vraag: hoe schoon je of bagger je een sloot op een goede ecologische manier? En kan je niet beter vaker baggeren en niet 1 keer in de 18 jaar zoals nu de regel is, maar veel frequenter? Afgelopen jaren zijn  er diverse machines en methoden ontwikkeld en onderzocht. Bij een demonstratie op 1 september bij de Groene Hofstee konden we verschillende machines aan het werk zien. Er waren duidelijke verschillen en de machines kunnen voor verschillende situaties worden ingezet.

Bijvoorbeeld bij smalle of brede sloten, bij zwaar achterstallig baggeronderhoud of juist bij regulier baggeren met de baggerpomp. Wat opviel was dat de nadruk vooral lag op het verspreiden van de bagger of slootvegetatie voorbij de eerste twee meter langs de sloot. Dat is de zone die niet bemest  en verrijkt moeten worden in het slootrandenbeheer.

Het is onvoldoende duidelijk wat het effect van de machines is op het slootleven zelf . Bij te rigoreus werken wordt de sloot in één keer  ontdaan van een groot deel van de planten en dieren, een zware aanslag op de slootecologie. Het moet minder intensief, selectief vegetatie in en langs de sloot laten staan, fasering in tijd en ruimte voor de sloten met een totaalplan op polderniveau. Er valt nog veel te onderzoeken en uit te werken en er zijn volop kansen. Daar willen we mee  aan de slag.

Voor de werkgroep Agrarisch natuurbeheer                                                                                                          Gijsbert Pellikaan

Lid worden